- Eten en drinken
Eten tegen het vergeten
In het eetcafé van Pakhuis de Zwijger kun je ‘Eten tegen het vergeten’: smul van gerechten die een speciale herinnering oproepen bij sprekers en bezoekers. Achterin het eetcafé eet je met je bord op schoot terwijl je geniet van documentaires van filmmaker Heddy Honigmann uit haar serie ‘Liefde gaat door de maag’.
<doorlopend, Eetcafé (begane grond)>
Herineringsrecepten:
Harmen Jalvingh’s herinnering: Heb tijdens mijn studiejaren in een Italiaans restaurant gewerkt. Ik was als vaatwasser de enige Nederlander tussen 4 Sardijnen in de keuken en koester zeer warme herinneringen aan deze tijd. Ik had er een tweede familie bij gekregen. De chefkok kon geweldig koken en was bovendien een zeer gevoelig mens. Hij praatte met de pannen en de pollepels en als zijn voetbalclub Cagliari verloren had, kon je dat proeven. Hij heeft me de liefde voor koken en eten bijgebracht. Als ik nu gorgonzola ruik, moet ik denken aan die tijd. Lange dagen, keihard werken, onder de smurrie, maar heel veel lol, warmte en heel lekker eten.
Harmen Jalvingh’s Recept: Bistecca alla Gorgonzola 4 personen: Ingrediënten: 4 kalfs-entrecotes of kalfsbiefstukjes van 100 gr olijfolie 3 tenen knoflook Witte wijn Verse peterselie Gorgonzolakaas Koksroom Bereiding: snij de knoflook en peterselie klein Bak het vlees snel draaiend bruin (ev paneren met een beetje meel) Afblussen met witte wijn en vervolgens de knoflook en peterselie toevoegen. Snij de gorgonzola in kleine stukken en laat de kaas in de pan smelten. Als de kaas gesmolten is, scheut koksroom toevoegen en 5 minuten laten sudderen. Lekker met gebakken aardappels en verse salade.
Michelle ‘t Hart herinering:Mijn oma maakte de lekkerste groentesoep van de hele wereld. Hoe deed ze dat toch?Vandaag de dag probeer ik soms haar soep na te maken, maar die smaak, die zo bij haar hoorde weet ik niet meer te evenaren. Iedere keer als ik het weer probeer, moet ik toch altijd even glimlachen en aan haar denken. Wat zou ik toch nog even graag naast haar in de keuken willen staan, om net even iets beter op te letten.
Michelle ‘t Hart’s recept: Doe ’s avonds 2.5 liter water in een grote pan. Laat daarin een boullionzakje voor kippenboullion trekken. Draai vervolgens van een pond half om half gehakt soepballetjes en gooi ze in de pan. Vervolgens een pond runderpoulet toevoegen en een uur laten koken. Vervolgens het vuur uit. De volgende dag de pan weer op het vuur zetten en weer zachtjes laten koken. Toevoegen een zakje mix voor groentesoep en kippensoep. Ondertussen groenten snijden (prei, selderij, wortel, paprika, ui en wat verder nog aanwezig is en erin kan). Na nog een tijdje koken de soepgroente erin. Ongeveer 2 uur later is de soep klaar.
Mike de Kreek’s herinnering: Mijn opa stroopte paling op het Alkmaardermeer bij de haven van Akersloot. Niet veel, gewoon voor de familie en vrienden. Met van die witte nylon lijntjes van een meter of zes met 1 haak en een loodje. Gewikkeld om een blokje hout. ’s Avonds erin zo tegen het donker tussen de bootjes en het blokje hout om een paal geslagen of in de grond gedrukt. ’s Ochtends heel vroeg op om de ‘lijntjes’ op te halen. Ik ruik de lucht nog af en toe als ik ergens aan het water sta. Als ik het geklingel en geklots van de boten hoor, waan ik me weer daar. Veel paling en af en toe een snoekbaars. Bij de caravan helpen schoonmaken en zout erover. Of was het andersom? Ja, eerst zout erover en dan de volgende dag schoonmaken. Dat zout en het levend houden zou de grond smaak eruit halen. Het opensnijden en alles eruit schrapen met je duimen vonden ik en mijn neef al snel geen enkel probleem meer.
Vanaf ons vijfde gingen we mee, denk ik. Waar mijn opa de paling rookte weet ik eigenlijk niet, maar in ieder geval luste ik geen gerookte paling. Dacht ik. Op mijn tiende ging ik het toch maar eens proberen en ik vond het heerlijk. Tranen schoten in mijn ogen, omdat ik het al die jaren niet gegeten had. Huilend vroeg ik me moeder waarom ze nooit had gezegd hoe lekker het was. Dat had ze natuurlijk wel. Nu lees ik in de krant dat het een paar honderd jaar gaat duren voor dat de palingstand weer gezond is. Dat geeft mijn herinnering een dubbele laag. Het was mooi en spannend en uiteindelijk ook lekker. Maar hebben we door die strooptochtjes waarbij tien tot vijftien palingen de sigaar waren, er aan bijgedragen dat er nu niet veel paling meer over is? Ik weet het niet; ik heb de neiging me te verexcuseren. Uit te leggen dat het maar een keer of tien per zomer gebeurde. Maar dat weet ik helemaal niet, want ik was er niet altijd bij. Hoe dan ook: geen paling voor mij meer, al een tijd, ook niet op het Geheugenfestival.
Colet van der ven’s herinnering: Ik ben elf jaar en zit op internaat bij de Benedictinessen in het Vlaamse Schoten. Het is een klassieke kostschool met uniformen, anderhalf uur studie per dag, twee keer in de week naar de mis, corvee. Kleine hoogtepunten zijn mijn verjaardag en de naamdag van de heilige naar wie ik vernoemd ben. Dan mag ik kiezen uit twee gerechten : gebakken appeltjes of een gebakken ei. Ik heb nooit eerder gebakken appeltjes gegeten en zal het daarna ook nooit meer eten maar alleen al de gedachte eraan geeft me een licht gevoel van feestelijkheid.
Joey Noordhoorn’s Herinnering
Indische families zijn normaliter erg hecht, bij mijn familie is dat helaas anders. Een familie vol met temperamentvolle heethoofden (6 ooms/tantes + wederhelft en 15 neefjes en nichtjes) is ook gedoemd om uit elkaar te vallen. Vroeger was dat anders, toen was het een hechte familie. We zagen elkaar niet vaak, maar met verjaardagen was het altijd gezellig. Mijn tantes waren altijd dagen bezig om alle gerechten klaar te maken, want eten stond bij ons centraal. Veel eten stond bij ons gelijk aan veel gezelligheid. Nasi goreng, bami, gado gado, rendang, frikadel pan, nasi koening, lontong, babi rendang, en dan vooral met de huisgemaakte sambal van mijn opa Lody. Deze sambal behoort naar mijn mening echter op de lijst van verboden wapens, eet een lepel sambal en je spuwt twee weken lang vuur.
De hoofdgerechten konden mij niet altijd zo boeien als de snacks. Een salontafel vol kue lapis, klepon, kue mangkok, risoles, pandan cake en bak pao’s. Geloof me, hier kan geen blokje kaas of plakje worst tegen op. Waar ik altijd naar uitkeek was de spekkoek van mijn oma. Hier was mijn oma uren mee bezig, met de precisie van een Zwitsers uurwerk bakte ze het laagje voor laagje. Het eindresultaat was altijd erg lekker en jammer genoeg snel op. Er was een speciale manier om de spekkoek op te eten, je at het namelijk zoals mijn oma het maakte: laagje voor laagje. Ik was altijd heel zuinig op mijn stukje spekkoek, je kreeg altijd maar 1 plakje. Echter, als ik een zielig gezicht trok kreeg ik twee dagen later alsnog een halve spekkoek.
De spekkoek van mijn oma staat voor ook wel gelijk aan de vroegere gezelligheid en warmte van mijn familie. Nu ik er over nadenk: de laagjes zijn mijn familieleden, elk met hun eigenaardigheden . Het middel waardoor de laagjes aan elkaar bleef plakken is mijn oma. Helaas was de macht van mijn oma tanende en zag ze met lede ogen toe hoe haar familie uit elkaar viel. Grappig detail: sinds mijn familie uit elkaar viel maakte mijn oma geen enkele spekkoek meer en moet ik het doen met dat namaak troep bij de toko.
Erika Thung’s herinnering
Januari 1992. Ik weet nog die dag dat mijn moeder alleen op vakantie ging naar Indonesië en wij met zijn vieren achterbleven in Nederland. Het was koud buiten en mijn vader stond vroeg op om daarna boodschappen te doen voor de drie kinderen. Mijn broertje was vier jaar en moest veel overgeven, omdat hij moeder mistte. Mijn zusje en ik hebben deels het huishouden. Totdat mijn vader riep wat voor gerecht we vanavond wilden eten. Natuurlijk, Nasi Goreng! Ik dacht aan de zoete Nasi Goreng die mijn moeder vaak maakte. Nasi Goreng is een Indonesisch gerecht en betekent ‘gebakken rijst’. Het rijst wordt eerste gekookt, daarna met sojasaus en verse groenten en vlees meegebakken. Als ik de geur in de keuken rook dan kreeg ik er honger van. Ik heb meegeholpen en daarnaast nog stiekem afgekeken hoe dit gerecht wordt gemaakt, maar ik was tien jaar. Dit proefde ik nergens terug in de Nasi Goreng van mijn vader. Er zaten veel pepertjes in waardoor mijn tong verbrand aanvoelde en ik water moest drinken om te blussen. Het was te heet en het proefde niet lekker, maar we aten braaf door. Toen mijn moeder terug kwam van vakantie moesten we vertellen dat vader elke dag Nasi Goreng heeft gemaakt en dan nog met teveel pepertjes! Gelukkig konden we fijn van mijn moeders Nasi Goreng genieten met minder pepertjes erin.
Kostas van Ruitenbeek’s herinnering
Ik ben op zich geen moeilijke eter, de meeste gerechten gaan wel naar binnen zolang ik maar weet wat er in zit. Het liefst zou ik alle ingrediënten los van elkaar leggen, maar over het algemeen leg ik mij daar maar bij neer. Het kan natuurlijk ook te gek. Zo had ik ooit bij mijn tante een gerecht waarvan ik geen idee had wat er in zat. Omdat het toch familie is proef je netjes je eten voordat je aarzelend vragen gaat stellen, die de kokkin hoogstwaarschijnlijk flink onzeker zou maken.
Het avondmaal deed me denken aan een stampot en tegen alle verwachtingen in smaakte het erg lekker. Als brave neef complimenteerde ik mijn tante en vroeg wat de naam was van het smakelijke maal. Mijn tante moest lachen en zei dat het niets bijzonders was; ze had gewoon wat restjes van hier en daar bij elkaar gegooid en noemde het ‘Potje Prut’.
Potje Prut, wat een vreselijke naam. Mijn gezicht vertrok en in ene kon ik geen waardering meer opbrengen voor het eten van tantelief. Alleen het idee al. Walging en afschuw probeerde ik nog enigszins te verbergen maar met een verbouwereerde stem zei ik dat ik geen trek meer had. Hoe kan een weldenkend mens met ook maar enig zelfrespect zijn eigen creatie met zo iets simpels geheel verzieken?
Een duistere herinnering aan een maaltijd die heerlijk was geweest, wanneer de naam nooit genoemd zou zijn.
Annemarie de Waard’s herinnering
Één gerecht van mijn moeder staat bij mij altijd op het netvlies. De overheerlijke lasagne waar ik geen genoeg van kan krijgen. Het gerecht heeft één nadeel en dat is als het net uit de oven komt. Het is dan zo heet dat je even 10 minuten moet wachten totdat je het kan eten. Die 10 minuten konden eeuwig duren, want ik had er altijd zo trek in.
Toen ik een keer op vakantie was in Frankrijk met mijn ouders gingen we uiteten. En wat zag ik op de kaart: LASAGNE
Ik dacht dat wil ik eten, want dat is altijd zo lekker. Deze keer moest ik zelfs een half uurtje wachten, omdat we in een restaurant zaten, maar ik had geduld. De lasagne kwam er uiteindelijk aan en ik dacht aanvallen. Het zag er in eerste instante heerlijk uit, totdat ik een paar hapjes had genomen. Iellh deze lasagne smaakt wel heel anders en ik zag er ook gekke dingetjes in. Ik vertelde het tegen me ouders en die moesten lachen. Het was inderdaad lasagne, maar ‘lasagne a la mer’ … Ik luste gelijk geen één hap meer, want mosselen, garnalen enzovoort hoefde ik niet in mijn lasagne..
Deze herinnering staat mij nog goed bij en achteraf kan ik er wel om lachen. Maar geen één lasagne overtreft die van me moeder, gelukkig kan ik het nu wel zelf maken…
Geschreven door admin op Vrijdag 22 Januari 2009








